6.10 Zorg voor onze jeugd
We willen ervoor zorgen dat elk kind zorgeloos kan opgroeien. Daar hoort bij dat we zorgen voor veilige, groene buurten met speeltuinen, sportveldjes en goed onderwijs. Wanneer er extra ondersteuning nodig is, moet dat er ook zijn. Dat betekent dat je hulp krijgt als het niet goed met je gaat, en dat er een veilige plek is voor jongeren die tijdelijk niet thuis kunnen wonen.
- Veilig opgroeien. Kinderen moeten kansrijk opgroeien in de eigen wijk met voldoende basisvoorzieningen in de buurt. Zo zorgen we dat alle kinderen de kans hebben op een goed leven.
- Gelukkige kinderen. Steeds meer jongeren en kinderen hebben mentale problemen. We starten een landelijk actieplan mentale gezondheid voor jongeren om de mentale problematiek onder jongeren terug te dringen. Ook gaan we meer personeel werven voor de GGZ, verminderen we de administratieve lasten en maken we het beroep aantrekkelijker.
- Kinderrechten. We zorgen dat Nederland zich houdt aan het Internationale Kinderrechtenverdrag, zodat we toegaan naar betere kinderbescherming en jeugdzorg en minder kinderarmoede en discriminatie. Ook zorgen we dat de stem van kinderen voldoende gehoord wordt bij beslissingen over kinderen. We letten extra goed op de zorg voor kinderen met een handicap of beperking.
- Mentale gezondheid. We zorgen voor voldoende laagdrempelig aanbod en stoppen met het onnodig medicaliseren van mentale problemen door hulp ook beschikbaar te laten zijn zonder diagnose of stoornis. We implementeren de Wet integrale suïcidepreventie via ministeries en gemeenten. We zorgen voor voldoende middelen voor gemeenten en voor een bereikbare hulplijn, ook bij groei.
- Kinderen groeien zoveel mogelijk thuis op. Uithuisplaatsingen mogen alleen in het uiterste geval. Naar aanleiding van de lessen die te trekken zijn uit het onderzoek ‘erfenis van onrecht’ over de uithuisplaatsingen bij de toeslagenaffaire gaat een staatscommissie aanbevelingen doen voor een jeugdbeschermingsstelsel. De aanbevelingen uit het rapport worden uitgevoerd. We geven de uithuisgeplaatste jongeren met prioriteit een zelfstandige erkenning voor het aangedane leed. We verbeteren ondersteuning voor pleegouders.
- Kindermishandeling en huiselijk geweld. We investeren in een aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling gericht op het voorkomen, vroeg signaleren en verbeteren van hulp en het bieden van goede nazorg. Hierbij is oog voor het doorbreken van het patroon waarbij geweld doorgegeven wordt van de ene generatie naar de volgende.
- Een plan voor betere jeugdzorg en jeugdbescherming. We stellen voldoende middelen beschikbaar voor kinderen met een beperking, en voor kinderen en jongeren die hulp nodig hebben, in lijn met de adviezen van de deskundigencommissie. Die kosten betalen we samen. Jongeren krijgen meer zeggenschap over hun behandeling en krijgen recht op een vertrouwenspersoon. De inspectie krijgt voldoende middelen en wordt daarmee in staat gesteld om zowel aangekondigd als onaangekondigd voldoende controles uit te voeren.
- Voldoende geld voor jeugdzorg. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de jeugdzorg, maar krijgen daar nu onvoldoende geld voor. We stellen structureel voldoende geld beschikbaar voor kinderen die hulp nodig hebben en nemen het advies van de deskundigencommissie volledig over.
- Afbouw gesloten jeugdzorg.Jeugdzorg met vrijheidsbeperkende maatregelen heeft enorme impact op kinderen en jongeren. Vrijheidsbeperkende maatregelen worden enkel gebruikt wanneer dit in het behandelplan staat en er wordt gewerkt vanuit een ‘nee, tenzij’ principe. We verbeteren de rechtspositie van jongeren door in te zetten op eigen mentoren en juridische ondersteuning. We zetten de afbouw van gesloten jeugdzorg voort met nagenoeg een stop in 2030. De locaties die overblijven moeten kwalitatief goede mentale en fysieke zorg gaan bieden. Hieronder valt ook een duidelijk behandelplan, met voorwaarden voor overplaatsing naar een open locatie of thuis, en wordt er na verblijf op een gesloten afdeling altijd nazorg aangeboden. Daarnaast moeten locaties goed bereikbaar zijn voor vrienden en familie van de jongere. Ook moet de jongere te allen tijde toegang hebben tot goed onderwijs op niveau. Verder zetten we in de tussentijd volop in op de bouw van kleinschalige, open alternatieven die aansluiten bij de behoeftes van kinderen en jongeren die tijdelijk niet thuis kunnen of willen wonen.
- Geen eigen bijdrage in de jeugdzorg. Kinderen die hulp nodig hebben, moeten die hulp gewoon krijgen. Dat mag niet afhankelijk zijn van het inkomen van ouders. Die kosten betalen we samen. We zetten een streep door het kabinetsplan een eigen bijdrage in te voeren.
- Hulp na 18 jaar. Veel jongeren komen in de problemen bij de overgang van jeugdzorg naar volwassenzorg. Daarom versoepelen we de leeftijdsgrens van 18 jaar, zodat jongeren nog tot minstens 21 jaar gebruik kunnen maken van jeugdhulp die ze al hebben, als ze dat zelf willen.
- Transnationale adoptie stoppen. Transnationale adopties zijn sinds 2024 niet meer mogelijk en lopende procedures moeten voor 2030 afgerond zijn. In plaats van adoptie zet ons beleid zich in voor de versterking van kinderbescherming in landen van herkomst, erkenning van het eventuele onrecht dat geadopteerden en hun families is aangedaan, nazorg en herstel voor geadopteerden in Nederland en het ondersteunen van herstelinitiatieven voor hun families in landen van herkomst.