Ufuk Kâhya gaat namens PRO het Europees Parlement in en sluit zich aan bij de Europese fractie van De Groenen/Vrije Europese Alliantie. Eerder was Kâhya wethouder in ’s-Hertogenbosch, vicevoorzitter van De Groenen in het Europees Comité van de Regio’s en actief op uiteenlopende vraagstukken rond kansengelijkheid, sociale rechtvaardigheid en democratische ontwikkeling.
Partijvoorzitters Esther-Mirjam Sent en Katinka Eikelenboom zijn enthousiast over zijn komst: “Kâhya is met zijn ruime ervaring op lokaal, nationaal en internationaal niveau een grote aanwinst voor de PRO fractie. Gedreven door zijn passie voor gelijke kansen en een rechtvaardige samenleving zal hij onze idealen in het Europees Parlement met veel energie gaan vertegenwoordigen.”
In Den Bosch was Ufuk Kâhya initiatiefnemer van de Gelijke Kansen-aanpak, een beweging die jaarlijks duizenden kinderen en jongeren helpt om nieuwe mogelijkheden te ontdekken en hun toekomst vorm te geven. De afgelopen jaren werkte hij daarnaast aan de ontwikkeling van Academie Arnhem-Oost en was hij actief in de podiumkunstensector, waar hij bijdroeg aan gesprekken over de maatschappelijke betekenis van kunst en cultuur. Gedurende zijn loopbaan staat één overtuiging voor Kâhya centraal: een samenleving wordt sterker wanneer iedereen de kans krijgt om diens talenten te ontwikkelen.
Kâhya blikt gemotiveerd vooruit op zijn nieuwe rol in Brussel: “Europa staat op een kruispunt. Over de hele wereld zien we democratische waarden onder druk staan, groeit de invloed van autoritaire bewegingen en verliest het internationaal recht aan geloofwaardigheid. Juist daarom hebben we een sterk en onafhankelijk Europa nodig. Ik kijk ernaar uit om samen met inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers, jongeren en bestuurders uit heel Europa te werken aan een Unie die sterker, groener, democratischer en rechtvaardiger wordt voor toekomstige generaties.”
De exacte ingangsdatum in het Europees Parlement en portefeuilles worden binnenkort definitief vastgesteld. Ufuk Kâhya neemt de zetel van Bas Eickhout over.