Op zondag 8 februari vierden we de tachtigste verjaardag van de Partij van de Arbeid in Zwolle. Lees de toespraak van Jesse Klaver hier terug.
Vrienden, ik heb even getwijfeld of het wel kon… Mijn verhaal vandaag beginnen met een uitspraak van een D66’er. Maar ik ga het toch doen.
En wees gerust… Het was een D66’er met méér dan een warm hart voor onze beweging. Begin jaren tachtig sprak hij in een interview de volgende woorden:
“Als één geschiedenis me de tranen in de ogen brengt, is het de geschiedenis van de Europese sociaal-democratie.” Misschien dat jullie weten over wie ik het heb.
Hans van Mierlo.
Het ontroerde hem… De geschiedenis van een politieke beweging die streed voor wat het meest wezenlijk is. Voor een werkdag die niet duurt van zonsopgang tot zonsondergang. Voor een beetje zekerheid als het leven tegenzit.
Voor hulp en steun bij ziekte, een goed pensioen voor de oude dag en een fijn huis om in te wonen. Allemaal zaken die elke millimeter strijd waard zijn. Ik citeer Van Mierlo vandaag omdat ik zijn gevoel van ontroering herken. En ik weet zeker ook velen van jullie hier.
Ik ben een kind van de sociaal-democratie. We hadden het thuis niet breed. Dankzij mijn moeder heb ik daar als kind nooit veel van gemerkt. Als we iets nodig hadden, dan maakte ze overuren, en zorgde ze dat het goed kwam.
Maar ik weet ook: ik heb heel veel te danken aan de sociaal-democratie. Ik heb kunnen klimmen, kunnen leren, kunnen groeien… en niet alleen ik.
Generaties hebben aan de beweging waar wij deel vanuit maken. Aan onze voorgangers… aan de sociaal-democratie enorm veel te danken. En daar mogen wij zeker vandaag meer dan trots op zijn.
Vrienden, ik wil jullie allemaal van harte feliciteren met de 80ste verjaardag van onze Partij van de Arbeid. Ik ben nu een kleine tweeënhalf jaar lid. En het bevalt me goed. We weten allemaal: dit is een bijzondere verjaardag.
Want deze zomer gaan wij iets unieks doen. We gaan een nieuwe partij oprichten. We brengen de sociaal-democratie en de groene beweging onder in één progressief thuis.
En laat me daar vandaag iets over zeggen. Juist op een dag als vandaag, waarop we terugblikken, successen vieren, en stilstaan bij onze historie.
Want dat we iets nieuws gaan doen wil niet zeggen dat we vergeten waar we vandaan komen.
We varen op het kompas dat onze progressieve voorgangers hebben afgesteld. We zetten hun erfenis voort. En wát voor erfenis… De erfenis van Suze Groeneweg, Aletta Jacobs en Corry Tendeloo. Die onvermoeibaar streden voor de rechten van vrouwen.
De erfenis van Willem Drees en de wethouders-socialisten, die de verzorgingsstaat uitbouwden.
Van Sicco Mansholt, die mijlenver vooropliep met zijn hervormingsideeën voor onze landbouw en natuur.
Van Hilda Verwey-Jonker, Hedy D’Ancona en Ien Dales die zich met hart en ziel inzetten voor emancipatie en gelijke behandeling.
De erfenis van Joop den Uyl, die bleef hameren op de gelijke verdeling van kennis, macht en inkomen.
Van Jan Schaefer die wist dat je in gelul niet kunt wonen.
En van onze Job Cohen, die ons leert dat iedereen die vooruitgang wil de boel bij elkaar moet houden.
Vrienden, wij staan op hun schouders. Wij zetten hun progressieve strijd voort.
En ja, dat doen we in een nieuwe tijd…
En straks onder de vlag van een nieuwe, sterke progressieve partij…
Maar met dezelfde missie:
Mensen verenigen om vooruitgang mogelijk te maken.
Vooruitgang voor iedereen die wil bijdragen.
Vrienden, die missie blijft onverminderd van belang. En dat voel ik des te meer na het lezen van het akkoord van de minderheidscoalitie. Ja, veel mensen voelen opluchting dat we het gepruts van de afgelopen twee jaar achter ons kunnen laten.
Maar dit akkoord brengt niet de vooruitgang waar progressief Nederland op had gehoopt.
Verre van.
De VVD heeft de onderhandelingen gewonnen. De plannen van de coalitie zijn daarom ook geen breuk met het verleden. Bij elkaar genomen vormen ze weer een nieuwe neoliberale golf. En die golf slaat op een land dat al veel te verduren heeft gehad.
Er werd mensen beloofd dat alle bootjes omhoog zouden gaan met de stijgende zee. Iedereen zou profiteren van een groeiende economie. Maar een heleboel bootjes zijn omgeslagen. En bij anderen zitten er gaten in de zeilen.
Omdat bij economische tegenwind, na elke crisis, de mensen die dit land draaiende houden, werden aangekeken om het vuile werk op te knappen.
En dat gebeurt nu opnieuw.
Mensen die hun hele leven lang hard hebben gewerkt, moeten nog langer doorwerken. Ze maken zich zorgen of ze in gezondheid van hun pensioen kunnen genieten. Wie zorg nodig heeft, gaat fors meer betalen.
Het eigen risico gaat omhoog, en er komt een eigen bijdrage voor de thuiszorg.
Gezinnen kunnen in grote financiële problemen komen als ouders hun baan kwijtraken, want de steun houdt al na één jaar op.
Vrienden, dat kan niet.
En ik wil dat hier vandaag nogmaals onderstrepen: wij gaan deze onverantwoorde bezuinigingen tegenhouden. Dit is voor ons fundamenteel. Want er gaat een maatschappijbeeld schuil achter deze plannen, waar wij niet in mee kunnen gaan.
De beslissingen die het kabinet neemt, kun je alleen nemen als je géén idee hebt dat het leven ooit tegen kan zitten. Als je géén idee hebt dat pech, ziekte en baanverlies ons allemaal kan raken.
En wat het allemaal wrang maakt is dat er niets wordt gevraagd van de sterkste schouders.
Geen enkel offer van de allerrijksten en de grote vervuilers. Sterker nog, de belastingen voor mensen met een laag of gewoon middeninkomen gaan omhoog.
De rekening gaat naar de mensen die ons land draaiende houden.
Dat is onverantwoord, onnodig en ondoordacht.
En wij gaan keihard knokken voor de mensen die hier door worden geraakt.
Ik heb de laatste weken gezegd dat onze beweging staat voor verantwoordelijke politiek. Niet om dit kabinet in het zadel te houden. Niet om alles een beetje minder erg te maken. Maar om Nederland vooruit te helpen.
Dáár ligt onze opdracht.
En dat gaat veel verder dan een enkele kabinetsperiode.
Onze missie is mensen verenigen om vooruitgang mogelijk te maken. Voor iedereen die wil bijdragen.
Daarom bouwen wij aan een sterke progressieve partij. Dat betekent dat we Nederland groener willen maken.
Groener, omdat we onze economie willen klaarstomen voor de toekomst, onze natuur willen beschermen en de grootste opgave van onze tijd willen oplossen.
En dat betekent dat we Nederland socialer willen maken. Omdat we het leven van mensen weer betaalbaar willen maken. Met lagere huren en goedkopere boodschappen. Omdat we willen dat iedereen in dit land een fatsoenlijk bestaan heeft. De komende tijd gaan we Nederland vooruit helpen.
Dat doen we vanuit de oppositie door het kabinet te bewegen tot een fundamentele koerswijziging. Samen met de vakbonden en de vele maatschappelijke organisaties.
En dat doen we daarbuiten.
Door te bouwen aan onze nieuwe partij. Geïnspireerd door waar onze progressieve voorgangers voor hebben gestreden, en wat ze tot stand hebben gebracht.
Dan doen we met optimisme, met doorzettingsvermogen, en met de ambitie om nieuwe hoofdstukken toe te voegen aan het verhaal van onze beweging.
Nieuwe succesverhalen. Waar we later, zoals we vandaag doen, met trots op terug kunnen blikken.
En om uiteindelijk het stokje door te kunnen geven. Zodat volgende generaties later kunnen zeggen:
Ook ik ben een kind van de sociaal-democratie.
Vrienden, nogmaals van harte gefeliciteerd. En op nog vele jaren sociaal-democratische politiek, in Nederland en daarbuiten.
Dank jullie wel!